Skip to main content

Het Deltaprogramma biedt naast de Bossenstrategie en het Klimaatakkoord argumenten om ook in Den Haag het groen (waarin bomen een centraal element vormen) te beschermen en uit te breiden.

Klimaatverandering brengt meer extreme weersomstandigheden met zich mee. Daarom is in het Deltaprogramma 2015 afgesproken dat Nederland in 2050 klimaatbestendig en waterrobuust moet zijn ingericht.

De stad moet beter bestand zijn tegen hitte, droogte, wateroverlast en eventuele overstromingen. Dat kan bijvoorbeeld door het opvangen van water op waterpleinen, drijvende woningen, meer groen of verplaatsing van vitale infrastructuur.

Hitte

In verband met de vorming van zgn. hitte-eilanden is van belang te weten dat elke toename van 1% van de bedekkingsgraad door bomen leidt tot een vermindering van de stadstemperatuurstijging midden op de dag met 0,04 tot 0,2°C. Bedekkingsgraad’ staat hierbij voor de hoeveelheid bodem die wordt bedekt door het bladerdek van de aanwezige bomen.

Het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) en de Vlaamse Instelling voor Technologisch Onderzoek (VITO) hebben via atlasnatuurlijkkapitaal.nl een kaartenreeks beschikbaar gesteld, waarop bijv. de gevolgen van hitte voor de stad goed waarneembaar zijn.

Luchtkwaliteit

De luchtkwaliteit wordt ongunstig beïnvloed door hogere temperaturen.

Wateroverlast

In verband met wateroverlast is van belang te weten dat een volwassen eik 150 liter water per dag opneemt en een volwassen populier zelfs 10 maal zoveel. Een volwassen boom verdampt wel 100 liter water per dag.  

Bossenstrategie

De doelstellingen van de Bossenstrategie zijn: meer bos (10% meer bos in 2030) en vitaal bos. In de Bossenstrategie geven Rijk en provincies aan wat het streefbeeld is voor het bos in Nederland tot 2030. Ambities zijn:
• ongeveer 15.000 hectare bosuitbreiding binnen het Natuur Netwerk Nederland
• ongeveer 19.000 hectare bos extra realiseren buiten het Natuurnetwerk Nederland:
– Toename van het aantal houtige landschapselementen (zoals houtwallen, struiken, heggen, losse bomen) in het landelijk gebied; – 10% groen-blauwe dooradering realiseren (incl. bescherming van bestaande landschapselementen); en
– Meer bomen in en rond steden en dorpen.
Bossen en bomen in en om steden en dorpen zijn van groot belang voor het leefmilieu van mensen. Bovendien kunnen deze bossen de recreatiedruk op natuurbossen verminderen.”

Klimaatakkoord

In het Klimaatakkoord is afgesproken dat provincies en gemeenten bij de herziening van hun omgevingsvisies in hun ruimtelijke beleid regelen dat bij de realisatie van nieuwe wijken direct ook bos wordt gerealiseerd. Dit levert niet alleen een bijdrage aan de vastlegging van koolstof, maar ook aan de leefkwaliteit van bewoners. Ook staat in het Klimaatakkoord dat gemeenten streven naar 1% meer bomen per jaar. Een voorlopige inschatting is dat dit neer zou kunnen komen op 5000 hectare bosuitbreiding in en rondom dorpen en steden. Daarnaast gaat het ook om kleinere bosschages in parken en laan- of solitaire bomen.